Als abonnee heb je toegang tot alle artikels op BOUWKRONIEK.be

Regelgeving

De hervorming van het vergunningenbeleid krijgt vorm

De huidige Vlaamse Regering heeft in haar Regeerakkoord een hervorming van het vergunningenbeleid vooropgesteld. Om deze hervorming uit te werken werd in eerste instantie een Gemengde Commissie Vergunningen ingericht. Deze Commissie leverde in het najaar van 2025 een omvangrijk rapport met aanbevelingen af.

pexels-thirdman-5583255

De Vlaamse Regering is met deze aanbevelingen aan de slag gegaan. Een eerste pakket aan maatregelen werd eind mei 2026 principieel goedgekeurd in een nieuw voorontwerp van decreet. We lichten hieronder enkele van de opvallende voorstellen toe. 

Adviezen worden niet-bindend

Een eerste opvallende wijziging betreft de adviezen die tijdens een vergunningsprocedure worden gevraagd. Vandaag kunnen adviezen van bepaalde instanties bindend zijn. in geval van een ongunstig advies wil dit zeggen: de vergunning moet worden geweigerd. Het voorontwerp grijpt hierop in. Adviezen worden in principe niet-bindend. De overheid die de vergunning verleent, maakt voortaan zelf de afweging en mag van een advies afwijken.

Afwijken van een advies betekent echter niet dat dit advies kan worden genegeerd. Een advies zal weliswaar niet meer afsluiten met de stempel “gunstig” of “ongunstig”, maar de inhoud ervan blijft uiteraard wel relevant voor de beoordeling van een vergunningsaanvraag. De overheid zal haar beslissing degelijk moeten motiveren en moeten uitleggen waarom een advies toch niet gevolgd wordt.

Vooroverleg en de “pauzeknop”: dialoog in plaats van weigering

Twee andere voorstellen kunnen samen worden besproken, omdat ze allebei vertrekken vanuit dezelfde gedachte: zo vroeg mogelijk in overleg gaan met de betrokken stakeholders en bijsturen.

Het eerste is een uitdrukkelijk recht op vooroverleg. De aanvrager krijgt voortaan een uitdrukkelijk recht om met de overheid in overleg te gaan. Het overleg is weliswaar vormvrij en wordt afgestemd op de complexiteit van het project (voor eenvoudige dossiers kan het overleg ook “per e-mail plaatsvinden). De bedoeling is om pijnpunten in een dossier in een zo vroeg mogelijk stadium uit te klaren.

Het tweede is wat men de “pauzeknop” zou kunnen noemen. Tijdens de procedure kan de aanvrager vragen om de beslissingstermijn te verlengen. Die adempauze schept ruimte voor bemiddeling of om bijkomende informatie aan te leveren, in plaats van dat de klok onverbiddelijk doortikt richting een (mogelijk negatieve) beslissing.

De herzieningsprocedure: een nieuwe attentieplicht

Een zeer ingrijpende verandering is wellicht de nieuwe herzieningsprocedure. Het uitgangspunt is dat wie het niet eens is met een beslissing, zijn bezwaren eerst kenbaar moet maken aan de bevoegde overheid zélf in de vorm van een verzoek tot herziening. Voor de juristen: het gaat hier om georganiseerd willig beroep bij de overheid die de beslissing heeft genomen. Zonder dit herzieningsverzoek kan een betrokkene géén beroep indienen bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen (RvVb). Pas nadat de overheid het herzieningsverzoek behandeld heeft (of geen uitspraak doet binnen de 45 dagen) kan er een eventueel beroep bij de RvVb worden ingediend. Geen verzoek tot herziening staat gelijk aan het verzaken aan het recht om een beroep bij de RvVb in te dienen.

Opvallend is dat in het voorontwerp van decreet momenteel een termijn van slechts 15 dagen voorzien is om dit herzieningsverzoek in te dienen én dat het navolgende beroep bij de RvVb slechts argumenten kan bevatten die reeds in het herzieningsverzoek werden opgeworpen. Betrokkenen worden aldus verplicht om op een zéér korte termijn alle mogelijke argumenten uit te werken. Het is nog maar de (retorische) vraag of deze regeling in overeenstemming is met internationaalrechtelijke regels die het recht op inspraak en het recht op toegang tot de rechter garanderen (zoals het Verdrag van Aarhus).

En verder, in het kort

Het voorontwerp bevat nog tal van andere ingrepen die de praktijk zullen raken. Een greep: er komt in beginsel nog maar één openbaar onderzoek bij de start van de procedure, in plaats van een nieuw onderzoek bij elke wijziging en de dossiertaksen gaan de hoogte in (richtinggevend zo’n 680 euro per aanvraag en 150 euro per beroep). Het voorontwerp voorziet ook aanpassingen aan de (nog niet in werking getreden) modulaire vergunningsprocedure.

Ook een terminologische verschuiving valt op: een “bezwaarschrift” gaat voortaan door het leven als een “inspraakreactie” – ook positieve reacties op een project worden aldus aangemoedigd.

Besluit

De bedoeling van de Vlaamse Regering schemert door in het voorontwerp: sneller, soepeler én robuuster vergunnen, door iedereen te dwingen vroeger zijn rol te spelen.

Het voorontwerp van decreet moet nu uiteraard nog een (lang) wetgevend proces doorlopen. Vermoedelijk zullen bepaalde scherpe randen, zoals de herzieningsprocedure in zijn huidige vorm, op weerstand botsen in verschillende adviezen.


Nieuwsbrief

Wens je op de hoogte te blijven van inzichten, projecten, trends en evoluties in de bouwsector? Schrijf je nu in blijf up-to-date!

Bouwprojecten