Waarom proptech geen luxe is, maar noodzaak
De bouw- en vastgoedsector is met een geschatte waarde van meer dan 321 biljoen dollar groter dan de wereldwijde financiële sector, goudreserves en cryptomarkten bij elkaar. “Toch is deze gigantische industrie verrassend genoeg de minst gedigitaliseerde en meest vervuilende ter wereld”, zegt Idriss Goossens. Volgens de oprichter van PropTech Lab en de netwerkclub EightySeven leidt de archaïsche manier van werken rechtstreeks tot grote stedelijke crisissen rondom mobiliteit, veiligheid en de betaalbaarheid van wonen. “Om de impasse van deze sterk conservatieve markt te doorbreken, is drastische vernieuwing nodig.”
“De extreem krappe winstmarges, maken de sector enorm risicomijdend.”
Wereldwijd zijn er inmiddels zo’n 10.000 proptech-startups en scale-ups die de sector fundamenteel proberen te vernieuwen. Dit gebeurt enerzijds via hightechoplossingen zoals AI, robotica en nieuwe software, en anderzijds via lowtech of praktische innovaties zoals modulaire prefabbouw, coliving, coworking en het beter delen van parkeerruimte.
“Waar de focus in 2015 voornamelijk lag op interne bedrijfsefficiëntie, met CRM- en ERP-systemen, verschoof de aandacht in 2017 naar klantgerichtheid en hyperpersonalisatie”, vertelt Idriss Goossens. “De sector begon langzaam te transformeren van een productgerichte industrie die vierkante meters wilde bouwen naar een servicegerichte industrie. Tussen 2019 en 2020 stond ESG (Environmental, Social, and Governance) centraal, met een sterke nadruk op decarbonisatie en het exact meten van CO2-uitstoot. Sinds 2021 domineert kunstmatige intelligentie en automatisering de gesprekken, wat een enorme technologische versnelling teweegbrengt. Aan de aanbodzijde beweegt er dus heel wat.”
Data als fundamentele infrastructuur
Een opvallende trend is de versmelting van klassiek vastgoed met infrastructuur, energie en zelfs defensie. Goossens verwijst daarvoor naar de parkeergarages van de toekomst. “Ondergrondse ruimtes kunnen straks dienen als schuilplaatsen, ziekenhuizen en productiecentra bij conflicten, maar vooral ook als knooppunten voor stadslogistiek of energiehubs in vredestijd. Parkeergarages die vandaag zijn uitgerust met laadpalen, kunnen auto’s niet alleen opladen, maar ook ontladen. Op die manier fungeren ze als enorme batterijen om pieken op het stroomnet op te vangen en blackouts te voorkomen. De nieuwe ‘hot topics’ in vastgoed gaan op die manier over veel meer dan over vastgoed alleen.”
“Al die mogelijkheden en functies op elkaar afstemmen en exploiteren, is enkel mogelijk door de opkomst van AI”, zegt Goossens. “Maar aangezien AI zonder goede data ons geen stap verder brengt, is er werk aan de winkel. De vastgoedsector worstelt enorm met het verzamelen, opslaan en structureren van deze informatie. Dat gebrek aan inzicht kost letterlijk miljoenen. Gebouwen die geen transparante data genereren over bijvoorbeeld het exacte energieverbruik, het afvalbeheer of de klanttevredenheid, kampen met een waardedaling van 6 tot 10%. Bij een groot vastgoedproject van 100 miljoen euro betekent dat meteen een verlies van 6 tot 10 miljoen euro. Dan is het vreemd dat vastgoedbedrijven data nog steeds beschouwen als duur papierwerk in plaats van als essentiële infrastructuur. De succesvolle architecten, aannemers en vastgoedontwikkelaars van de toekomst zijn degenen die datagedreven werken en zichzelf ontwikkelen tot software-integrators.”
Tijdens de jaarlijkse ‘87 day’ in september buigen werkgroepen van CEO’s, tech-ondernemers en politici zich over complexe vraagstukken.
De cultuurstrijd en de angst om te falen
“Ondanks deze veelbelovende perspectieven, wordt de vooruitgang geremd door een conservatieve bedrijfscultuur”, zegt Goossens. “De extreem krappe winstmarges maken de sector enorm risicomijdend. Men voelt zich veroordeeld om te slagen. De sector zal moeten accepteren dat kleine experimenten soms mislukken om uiteindelijk de grote stappen voorwaarts te kunnen zetten. Wij brengen gemiddeld 87% van ons leven binnenshuis door. Deze industrie domineert bijgevolg zowat elk aspect van ons dagelijks leven. Het is dus de moeite waard om te experimenteren.”
“De stofferige reputatie heeft vandaag grote gevolgen voor werving en selectie. Het wereldwijde Manpower-rapport voor 2025 toont aan dat real estate de sector is met de allergrootste problemen om talent aan te trekken. Jonge mensen zoeken vernieuwing en kansen om hun vaardigheden te ontwikkelen. Digitale transformatie is daarom niet alleen een manier om efficiënter te werken, het is tegelijk een strategische oplossing voor het schreeuwende personeelstekort.”
Verouderd ‘by design’
Om de sector uit deze impasse te loodsen, vertrouwt Goossens op collectieve intelligentie. Met zijn platform EightySeven brengt hij 300 grote spelers uit de bouw en het vastgoed (waaronder Besix, Cofinimmo en Immobel) samen met startups en de overheid. Tijdens de jaarlijkse ‘87 day’ in september buigen werkgroepen van CEO’s, tech-ondernemers en politici zich over complexe vraagstukken.
“De allergrootste misvatting in de markt is dat innovatie slechts een dure extra is. Projectontwikkelaars die bouwen om direct door te verkopen, klagen geregeld dat een investering van 500 euro per vierkante meter in innovatie hun beperkte winstmarge direct doet verdampen. Terwijl de échte hoge kosten zitten in het weigeren te innoveren. Een gebouw zonder moderne systemen, zoals slim energiemanagement, is volgens hem obsolete by design; bij voorbaat verouderd en overbodig dus. Vandaag de dag weigert 32% van de zakelijke eindgebruikers al kantoorgebouwen die niet zijn uitgerust met dergelijke slimme energiefuncties. De boodschap is helder: investeren in proptech en data is geen luxe meer, maar de absolute basisvoorwaarde om in de vastgoedmarkt van de toekomst te overleven.”